Kom je hier vaker?

Eerder gepubliceerd als column in Playboy #04/2016

Ik leid een overzichtelijk leven en zelfs daar ben ik niet geschikt voor. Mooie eerste zin, of niet? Vind ik ook. Het was dan ook de openingszin van mijn vorig jaar verschenen debuutroman Boek (256 blz.). Tot de laatste correctieronde. 'Die zin vat eigenlijk het hele boek samen en is dus overbodig. Haal 'm maar weg,' zei mijn redactrice.

Ik dacht even na. Het was niet alleen de eerste zin van het boek, maar ook de allereerste zin die ik had getikt toen ik tien maanden geleden aan het boek was begonnen. Ik was er, kortom, nogal aan gehecht. 'Haal 'm lekker zélf weg,' zei ik dus. Dat deed ze toen. Weer wat geleerd.

Openingszinnen zijn belangrijk, niet alleen in romans, maar ook op het slagveld van man ontmoet vrouw en andersom. Zelf ben ik trouwens niet zo'n grote versierder. Of wacht, dat is het understatement van het jaar, vergelijkbaar met premier Balkenende's “Zo gaan we niet met elkaar om” na de moord op Theo van Gogh. Laat ik het anders zeggen: Als versieren een sport zou zijn, zat ik negenennegentig procent van de wedstrijd in de dug-out. Een boek te lezen. Een beetje voor me uit te staren. Af en toe weg te dommelen, een straaltje kwijl in mijn linkermondhoek.

In een soortgelijke houding zat ik laatst op mijn vaste barkruk in mijn stamcafé naar de biermerklogo's op de wisseltap te staren. Er stond een verse Witte Trappist voor me en uit de boxen klonk zachtjes een verzamel-cd van het Stiff-label. Alles was rustig, tot er een olympische schoonheid op me af kwam met een bronzen teint, een zilveren halsketting en een gouden onderstel. Ik keek eens om me heen. Nee, de kruk rechts van mij was leeg en links bij de prullenbak stond ook niemand - deze vrouw kwam echt voor mij.

Ik ging rechtop zitten en zette een vriendelijk gezicht op zoals ik dat die middag had geoefend in de spiegel voor een gesprek met een opdrachtgever.

'Kom je hier vaker?' vroeg ze. Niet echt een originele openingszin, maar kom, we kunnen niet allemaal een succesvol schrijver zijn. Ik keek naar de contouren van de zwarte push-upbeha onder haar witte blouse en hop, ik had het haar al vergeven. Vrouwen hebben het maar makkelijk ook: ze hoeven zich nooit zorgen te maken over hun openingszin, want de man gaat er toch wel mee akkoord, ook al is die zin van het niveau 1, 2, 3, 4, hoedje van papier.

Andersom werkt het niet zo, wist ik uit ervaring. Ik dacht aan die keer toen ik het bij een meisje met een streng kapsel en dito bril had geprobeerd met de openingszin Behalve den man die de Sarphatistraat de mooiste plek van Europa vond, heb ik nooit een wonderlijker kerel gekend dan den uitvreter. Geen succes - en dat terwijl we nota bene in een literair café stonden. Ik nam een extra grote slok Witte Trappist om de herinnering uit te wissen aan de blik van het meisje van toen, ergens tussen verbazing en 112-bellen in. (Of 06-11 - het was al een hele tijd geleden.)

'Of ik hier vaker kom? Dat kun je wel stellen,' zei ik tegen de olympische schoonheid. 'Nog maar een paar bezoekjes en de eigenaar laat een gepersonaliseerde barkruk met gouden naamplaatje voor me maken. Het bestelformulier ligt al klaar achter de bar.'

'Mooi,' zei ze, en keek even achterom naar haar vriendinnen. 'Dan weet je vast wel wat het wifi-wachtwoord hier is?' Haar duim stond al in de aanslag boven haar iPhone, zag ik. Er zaten glittertjes op de achterkant.



[ Maar wat is het? ] [ E-mail ]