

Kroeg
Almanak
Agenda
Bestuur
Commissies
FP kind
Jaarclubs
Krant
Ontgroening
Studeerkamer
|
de Vocatis
De Vocatis was het officiële orgaan van de virtuele studentenvereniging Appoldro, ooit te vinden op www.appoldro.nl. Helaas was de vereniging slechts een kort leven beschoren. Op deze plek zijn alle moeizaam geconcipieerde epistels die ik voor de Vocatis heb geschreven te vinden. Let ook op de authentieke Appoldro-vormgeving die ik op deze pagina voor eeuwig aan de dreigende vergetelheid ontrukt heb!
Bestel een kroket via internet
Ingestraalde modems
Je zult maar letter wezen...
Newsgroup over Fred Oster van start
Toe maar, een versierpoging
De geboorte van Appoldrol
Bestaat Appoldroon Scalpel alleen virtueel?
De tijd vliegt, wie schiet haar neer?
Bestel een kroket via internetdoor robertNadat vorige week de eerste Nederlandse pizza on-line service is gestart, kun je nu ook kroketten bestellen via Internet. Voor dit doel is een WWW-
site ontwikkeld door een werknemer van automatiek 'De Bierpul', bekend van hun doorlopende aanbieding 'twee frikadellen voor f.1,25 (inclusief
mayonaise).' Op deze site kun je aantrekkelijke opgemaakte kroketschotels bewonderen die smaakvol uitgelicht gefotografeerd zijn. Sommige
kroketschotels zijn zelfs te bekijken met QTVR, een nieuw systeem waarmee je met een paar klikken op je muis als het ware driedimensionaal
binnen de kroket kunt kijken. Overigens levert dit niet altijd even aantrekkelijke beelden op, want soms zijn er nog hele ogen en oren van een
varken te zien. Via een handig invulformulier waar je je adres en gewenste tijd van bezorging invult kun je de kroketten thuisbezorgd krijgen. Een
proef op de som leert dat de kroketten precies op tijd worden bezorgd. Helaas doet de bezorger, een zestienjarige brommerrijder die zoveel pukkels
heeft dat je gaat vermoeden dat hij de grootste afnemer van zijn eigen produkt is, je alle eetlust verliezen.
Ingestraalde modemsdoor robert
Het medium uit Tiel, beter bekend als Jomanda, heeft weer een nieuwe markt aangeboord. Elke woensdag komen er duizenden
computergebruikers met hun modem in een linnen tasje naar de grote hal in Tiel waar Jomanda haar 'healings' houdt. Het is de bedoeling dat de
modems tijdens deze healings door Jomanda 'ingestraald' worden. Over de effecten van de vreemde krachten van Jomanda zijn de bezoekers het
nog niet helemaal eens, zo leert een bezoek van uw verslaggever aan de healing van woensdag jongstleden. Buiten bij de ingang probeer ik een
gesprek aan te knopen met een aantal wachtenden. "Mijn modem is eigenlijk een 14K4," vertelt een bleke jongen met een bril en een T-shirt waarop
'bestel een kroket... via het Internet' te lezen staat, "maar ik ben hier nu twee keer geweest en af en toe haalt mijn modem nu 28K8! Jomanda is
echt geweldig. Ik heb de poster van Bill Gates in mijn computerhok weggehaald, en die heb ik vervangen door een grote foto van Jomanda. Ook
heb ik een blikje ingestraalde JOLT cola bij haar gekocht voor maar 15 gulden en dat staat nu op mijn monitor." Als ik hem vraag of hij ook een
vriendin heeft en zo ja, wat die hier allemaal van vindt verschijnt er een verbeten trek om zijn mond. Hij kijkt naar de grote hal waar het zich straks
allemaal gaat afspelen en zegt: "Mijn vriendin heeft me vorige week verlaten. Ze zei dat ik moest kiezen tussen haar of Jomanda. Daar hoefde ik
niet lang over na te denken. Jomanda biedt mij meer plezier dan mijn vriendin. Bovendien zat ze toch alleen maar te zeuren dat ik minder achter
mijn computer moest zitten en moest stoppen met pizza's en kroketten bestellen via het Internet." Als de andere wachtenden deze regel opvangen
ontspint zich meteen een discussie over de kwaliteit van de 'bestel een kroket...'-site. Niet iedereen heeft echter zulke goede ervaringen als deze
jongen. De nodige scepsis blijft dus geboden bij een bezoek aan Jomanda, die volgens haar eigen zeggen 'een eigen ISDN-lijn met de hemel' heeft.
Je zult maar letter wezen...door robert
Onder deze titel is vorige week in het Groninger museum een tentoonstelling over de meest gebruikte letters in de Nederlandse taal geopend. Vooraf was er wel enige discussie van het kunstenaarscollectief 'De zin' over wat nou eigenlijk het meest gebruikte woord is in het Nederlands. Volgens Tjidde Jongsma, lid van het collectief en vertegenwoordiger van de vereniging van gesubsidieerde Friese kunstenaars annex elfstedentochtrijders in ruste (een vereniging waar je alleen lid van mag worden als je tijdens het rijden van een elfstedentocht minstens 5 achten geschaatst hebt), is het woord 'varken' het meest voorkomende woord in de Nederlandse taal. 'Kijk', zo begint hij zijn ietwat onlogische uitleg. 'Er zijn in Nederland 35 miljoen varkens en maar 15 miljoen mensen. Dan is het toch duidelijk dat het woord varken 20 miljoen keer vaker voorkomt.' Dit argument stuit op heftige tegenstand bij de rest van het collectief, dat ineens verdacht veel op een verzameling gesegmenteerde individuen begint te lijken. Er dreigt zelfs een kleine knokpartij te ontstaan, maar enkele mensen weten de problemen op te lossen door af te spreken het meningsverschil om half vier buiten bij de grote boom uit te vechten. De tentoonstelling 'Je zult maar letter wezen' is waarschijnlijk nog tot 14 maart geopend.
Newsgroup over Fred Oster van startdoor robert
Nieuw op het Internet: de newsgroup alt.fred-oster.sightings. In deze newsgroup worden berichten gepost door mensen die menen een glimp van Fred Oster te hebben opgevangen op straat of in hun lokale supermarkt. Ook wordt er druk gediscussieerd over de verschillende afleveringen van Avro's Wie-Kent-Kwis die door de jaren heen zijn uitgezonden en die op onnavolgbare wijze gepresenteerd werden door de nu al legendarische quizmaster. Natuurlijk zijn er in de newsgroup vele .GIF en .AU bestanden van Fred op te vragen. Op sommige .GIFs draagt Fred een verschillend(!) pak. Er is ook een beta-versie te vinden van DOOM-M, dat staat voor DOOM-Marmot. In dit spel, gebaseerd op de razend populaire marmotten-bak van de Wie-Kent-Kwis, kun je de identiteit aannemen van Mies Bouwman of Andre van Duin en door een 3D-simulatie van de marmottenbak rennen. De geluiden zijn gebaseerd op authentieke Fred Oster-samples, zoals: Veel succes!, Ja, zo gaat ie goed!, Hooo... Pas op! en Wilt u de duizend gulden hier of hier?. De bezoekers van de newsgroup hebben ook een eigen IRC-kanaal: #SPREKENDPAK, genoemd naar de meest bekende bijnaam van Fred Oster.
Een bezoekje aan dit IRC-kanaal leert ons dat de gesprekken voornamelijk gaan over de leuke cadeautjes die Fred altijd weggaf aan de verliezende tribune. Deze cadeautjes zijn inmiddels een gewild verzamelobject geworden en niet zelden verwisselen ze voor meer dan duizend gulden van eigenaar. Het blijkt overigens dat er door deze newsgroup weer een geheel nieuwe gebruikersgroep het net opgaat, die voorheen niks van hun gading kon vinden op Internet. Waarschijnlijk wordt door deze mensen ook een newsgroup alt.tv.martin-brozius opgericht, vernoemd naar de sympathieke presentator van het succesvolle jeugdprogramma, die nu helaas wat in de vergetelheid is geraakt.
Toe maar, een versierpogingredactionele bijdrage
De redactie van de Vocatis brengt af en toe een bezoekje aan de Appoldro-kroeg om te kijken of de gesprekken daar van een niveau zijn dat ons aanstaat. Meestal is het niveau te hoog, maar zo af en toe kunnen we de conversatie nog bevatten. Onlangs waren we getuige van een vorm van intermenselijk contact waar wij een warm gevoel van in onze onderbuik kregen. Twee mensen vonden elkaar . Of was het gewoon een ranzige versierpoging van een vrouw, laten we haar L. noemen, die wanhopig op zoek was naar een Appoldroon die haar koude en eenzame driekamer-appartement in het centrum van een middelgroot dorp kon vullen met de klank van zijn voetstappen? Dit soort gedachten kwamen op bij de redactie toen zij de toch wel lichtelijk agressieve versiermethode van L. bekeek en de reacties daarop van de mannelijke tegenspeler, laten we hem M. noemen.
Na enig inleidend gebabbel over het weer, studie, vakantie, bloemkoolteelt en tweedehands autos, kwam het gesprek al snel op de echtelijke staat van beiden. Die bleek in beide gevallen alleengaand te zijn, zoals dat tegenwoordig in de folders van reisorganisaties heet. Toen de redactie weer naar het vertrouwde groene scherm van de kroeg terugkeerde na even bezig geweest te zijn met lekker belangrijke dingen, was L. al voorstellen aan het doen over ontmoetingen in haar flat. Over de te ondernemen activiteiten werd nog wat vaag gedaan door beide lieden. M. hield het op lekker kletsen , terwijl L. het over iets anders had. Toen het gesprek smeuïg als pindakaas begon te worden, gingen M. en L. naar een tafeltje apart en verdwenen ze dus uit het zicht van de redactie. Wat heeft zich aan dat tafeltje afgespeeld? We zullen het nooit weten. Verzin maar iets. Dan doen wij dat ook.
De geboorte van Appoldrol
een kerstverhaal in drie delen
door robert
een
We schrijven het jaar des heren 1203 voor Staatsen. De wereld was net een beetje bijgekomen van de geboorte van die àndere verlosser, toen een almachtige druïde ergens in de streek waar tegenwoordig de stad Apeldoorn ligt, een bezoekje kreeg van een bezorgde man en zijn duidelijk tekenen van zwangerschap vertonende rozegestrikt pekineesje (Canis Cullingulus), die nog helemaal high was van de lange tocht door de moerassen en het bijbehorende gas met hallucinerende werking.
De man was duidelijk in een staat van paniek, het zweet gutste in brede stralen van zijn voorhoofd. 'Vergeef mij, o alwetende druïde, dat ik u stoor. Mijn naam is Gauss. Ik ben naar u toegekomen omdat ik alarmerende berichten heb gehoord. Het leven van mijn huisdier is in gevaar!' De druïde keek even met een misprijzende blik naar het stinkende dier. 'Daar zal dan weinig aan verloren gaan', dacht hij bij zichzelf. Hij was zo verstandig dit niet hardop uit te spreken. De pekinees keek met haar ogen op studio sporttijd (kwart voor zeven) terug en deed haar zorgvuldig gelippenstifte bekje open om wat te zeggen. 'Hee... koele baard heb jij man, weet je wel', mompelde het diertje in een taal die alleen druïden kunnen verstaan en ze verdween weer in haar geheel eigen gedachtenwereld, die bevolkt werd door grote voorraden Pal, Frolic en Bonzo dinerbrokjes.
'Is het waar druïde', zei Gauss op zenuwachtige toon, 'dat Herodes, de machtige leider van de Saksische Grensstreken, heeft besloten alle pekinezen in beslag te nemen en te recyclen tot asfalt voor zijn autobahnen?'
'Ik vrees van wel Gauss', sprak de druïde (die geheel in tegenstelling tot de eisen voor zijn professie nooit een groot dierenliefhebber was geweest) gemaakt mistroostig. 'De grensstreken zijn al helemaal pekinees-vrij gemaakt. Ik vrees dat deze zuiveringen ook de kant van Appoldro opkomen. Ze hebben niks te zoeken op ons grondgebied, maar in het moeras is het moeilijk controleren. Bovendien is ons leger danig verzwakt sinds er geen dienstplicht meer bestaat. Ik kan u maar een advies geven: als u uw pekinees en haar ongeboren vrucht wilt behouden moet u naar het westen vluchten, naar de zee. Daar bent u voorlopig veilig.'
Dit advies leek de arme Gauss nog meer in paniek te brengen. 'Maar, maar... ik kan toch geen honderden kilometers met mijn pekinees door de moerassen trekken en de westelijke rivieren overzwemmen? Het is eind december, de winter kan elk moment invallen! Dat wordt haar fataal!'
De druïde was niet onder de indruk. 'Life sux, beste man', zei hij op een toon alsof hij een van de meest briljante inzichten van de laatste 793 jaar verkondigde. 'And then you die', vulde Gauss aan op een toon die weinig levensvreugde verried.
'Er zit niks anders op', sprak Gauss terwijl hij zijn pekinees onder zijn armen nam en de hut van de druide uitliep. 'Ik moet gaan. To boldly go where no man has gone before.' De druide was het gezever van Gauss allang zat en deed de deur met een ferme klap dicht. Iets te vroeg. Hij hoorde nog net de ijselijke gil van het pekineesje, dat bijna gewurgd werd door haar roze strikje dat tussen de deur en de deurpost zat geklemd.
twee
Gauss was de wanhoop nabij. Vier dagen en nachten had hij onafgebroken met zijn pekinees door de moerassen getrokken en de westelijke rivieren overgezwommen. De tocht had duidelijk sporen achtergelaten op de toch al niet aantrekkelijke verschijning van Gauss. Dientengevolge wilde geen enkele herbergier hem binnenlaten. Bij elke uitspanning werd hij door de waard weggestuurd op een toon die geen tegenspraak duldde. Soms gebeurde dat al als hij nog op tien meter afstand van de herberg was, waaruit Gauss concludeerde dat geur reist met een snelheid van 10 meter per seconde.
Het was in de nederzetting Hilfertsom, van oudsher al bevolkt door rijke en hardvochtige mensen zonder mededogen, dat hij niet meer op zijn benen kon staan van uitputting. De uitbaters van diverse herbergen hadden hem weer weggestuurd met het verzoek niet meer in hun buurt te komen, en van pure ellende had Gauss zijn toevlucht gezocht in een stal aan de Koninginneweg even buiten het dorp. De boer was gelukkig in velden noch wegen te bekennen, en met wat stro, oude paardedekens en een kerstster die hij voor 9,95 bij de plaatselijke Blokker had gekocht probeerde Gauss het nog enigszins gezellig te maken. Gelukkig had hij gezelschap van een os en een ezel, die met hun adem wat warmte verspreidden in de verder koude en eenzame stal.
Het was in de vroege ochtend van 24 op 25 december dat Gauss zich opmaakte voor zijn vertrek. Hij had tijdens zijn verblijf van een paar dagen in de stal nieuwe krachten opgedaan en nagedacht over zijn toekomst. Hij wilde voor het nieuwe jaar Amsterdam, de hoofdstad van het oude westelijke gebied bereiken. Gauss hoopte daar een nieuw leven op te bouwen en zijn oude beroep van bulldogtrainer weer op te nemen bij het grootste hondentrain-instituut van het land, 'De denkende bulldog'.
Net toen hij bezig was met het inpakken van zijn schamele bezittingen, hoorde hij zijn pekineesje een paar ijselijke kreten slaken. 'Zit ze nu alweer met haar strikje vast?' dacht Gauss geïrriteerd. Hij liep naar de geïmproviseerde kribbe om haar te bevrijden. Plotseling, terwijl Gauss zich over de kribbe boog, hoorde hij engelen zingen. De rillingen liepen hem over de rug toen hij in de kribbe keek en daar niet een, maar twee dieren aantrof. Hoewel, dieren? De biologische categorie van het kleine schepsel dat door de pekinees was gebaard leek vooralsnog behoorlijk onbestemd. Het had iets weg van een hond, maar de staart leek weer op die van een muis. Gauss begreep niet hoe zijn pekineesje van het ene op het andere moment een jong kon werpen. Een paar minuten geleden lag ze nog gewoon te slapen! Maar ach, de manier waarop ze zwanger was geworden, zonder ooit met een mannelijke pekinees in aanraking te zijn geweest (Gauss verloor haar nooit uit het oog en had haar altijd binnen gehouden) was ook al een raadsel voor hem, dus echt vreemd keek hij er niet van op. Hij was allang blij dat hij wat nieuw leven kon verwelkomen in deze donkere dagen.
drie
Het was sommige mensen van De denkende bulldog al opgevallen dat de bulldogs in het instituut zich in die laatste decemberdagen raar gedroegen. Op de meest bizarre nachtelijke uren barstten de beesten schijnbaar om niets in een hels gejank uit, terwijl ze hun koppen allemaal naar een felschijnende ster richtten. Sommige honden werden zo zenuwachtig dat ze de hekken doorbeten en ontsnapten. De hoofdtrainers van De denkende bulldog, luisterend naar exotische namen als Raoul, Caspar en Melchior besloten dat het zo niet langer kon. De hele stad werd gek van het gejank en de beesten waren met geen mogelijkheid stil te krijgen. De oorzaak moest liggen bij de mysterieuze ster, die de laatste dagen zo helder aan het firmament stond.
De drie, die door hun grote hoeveelheid vakkennis binnen het instituut bekend stonden als 'De Drie Wijzen' besloten een tocht te maken naar het onbekende, met de ster als hun enige leidraad. Vol goede moed vertrokken ze, om na een soepel verlopen tocht op de 6e januari in Hilfertsom te arriveren, de plek waar de ster hen had heengeleid. Enige herders vertelden dat er een wonder was gebeurd: in een stal even buiten het dorp was een dier geboren van een soort die niemand kende!
De drie wijzen besloten onmiddellijk naar de stal te gaan om deze nieuwe diersoort uit te checken. Na een korte wandeling door het ongezellige centrum van het dorp, belandden de drie bij de stal aan de Koninginneweg. Het werd alweer donker, maar uit de stal kwam een uitnodigend licht waar de drie meteen op af gingen. Gauss stond al in de deuropening, met de rug naar hun toe. Toen hij het trio hoorde naderen draaide hij zich verrast om. 'Ik had al het gevoel dat ik bezoek zou krijgen. Maar eigenlijk dacht ik dat jullie uit het oosten zouden komen!'
'Ach', zei Raoul, die duidelijk de leider was van de drie, 'dit leek ons beter qua files en zo.' Na nog wat meer van dit inleidende gebabbel gingen ze met z'n vieren de stal in.
De drie wijzen waren meteen helemaal weg van het diertje in de kribbe, dat hun met
grote ogen vol liefde aankeek.
'Tja', zei Gauss droevig, 'het beest krijgt natuurlijk een vreselijk leven. Overal zal hij worden uitgelachen om zijn uiterlijk, en hij heeft geen soortgenoten om mee te spelen. Wat moet ik met hem doen om hem een zinvol bestaan te geven?' De drie dachten lang na. Het welzijn van dit dier ging hun persoonlijk aan het hart. Plotseling bedacht Raoul, die in een ver verleden nog eens geprobeerd had aan de universiteit van Appoldro de schijn op te houden dat hij studeerde, een plan. 'Ik weet het!' riep hij verheugd uit. 'In mijn studententijd was ik lid van een vereniging die volgens een van hun tradities elk jaar een dier als mascotte hebben. Ze hebben altijd ruzie omdat ze het nooit eens kunnen worden over welk soort dier dat moet worden. Dit beestje is van alle soorten, dus die is daar uitstekend op zijn plaats! Hij zal door iedereen worden vertroeteld en verzorgd!'
Een tamelijk geniaal plan, vond iedereen. En zo geschiedde het dat in het jaar 1203 voor Staatsen, de studentenvereniging Appoldro de mascotte kreeg waar het al jarenlang naar zocht. Appoldrol werd zijn naam, en door zijn aanhankelijke en vrolijke karakter zorgde hij in de harten van alle leden voor een welbehagen, tot aan het einde der tijden.
Bestaat Appoldroon Scalpel alleen virtueel?
door: anoniem ingezonden
Al geruime tijd valt het mij op dat Appoldroon Scalpel nogal vaak in de Appoldro Kroeg rondhangt. Zo'n 18 uur per dag, om precies te zijn. Tijdens een doorwaakte nacht, gevuld met flarden van dromen over eindeloze uitlaatsessies met Appoldrol, drong een angstaanjagende gedachte zich aan mij op: Scalpel bestaat helemaal niet in het echt, het is gewoon een programma dat de makers van Appoldro bedacht hebben om de kroeg een beetje levendig te houden!
Dit lijkt misschien een rare en door paranoia gevoede stelling, maar de bewijzen zijn legio. Ten eerste is het al bijna ondoenlijk om zeven dagen per week 18 uur in de Appoldro kroeg te zijn. Moet Scalpel niet af en toe naar de C1000, zijn oude moeder of naar college? Verder valt het mij op dat hij, zoals het een goede robot betaamt, vaak dezelfde vragen stelt. Als je de kroeg binnenkomt vraagt Scalpel: 'naam', hoe ist? En dat elke keer letterlijk hetzelfde. Daarna reageert hij middels standaardzinnen op zelfstandige naamwoorden in de dingen die je vertelt.
Het geheel doet mij sterk denken aan het aloude programma Eliza (een redelijk werkende versie van Eliza is te vinden op: http://www.planetary.net/robots/eliza.html). Dit programma simuleert, zoals de meeste van jullie wel weten, een psychiater. Als je iets tegen Eliza zegt in de trant van 'Dat heb ik van mijn moeder' vraagt Eliza: 'Vertel eens wat meer over je moeder?'. Tijdens het voeren van een gesprek met Scalpel heb ik altijd het gevoel dat ik met een Eliza-achtig programma bezig ben. Als iemand dit gevoel herkent: stuur je bewijzen maar naar de Vocatis, dan kan ik het ook lezen. Mijn e-mail adres vermeld ik liever niet, want de grijzen zijn overal. Ik hou nu op met typen, want the X-files begint zo.
(naam en e-mail adres bij de redactie bekend)
De tijd vliegt, wie schiet haar neer?
door: robert
Het is een bekend verschijnsel dat de tijd sneller lijkt te gaan naarmate je ouder wordt. Als peuter en kleuter had je nog weinig besef van tijd, maar dit veranderde langzaam toen je naar de hogere klassen van de basisschool ging. Het besef van tijd ontstond in die periode al wel, maar manifesteerde zich op een totaal andere manier dan nu.
Toen je nog een jaar of tien was, leek een schooldag soms een week te duren. De zomervakantie beleefde je als een eindeloze periode gevuld met talloze sessies buiten spelen met je vriendjes, op vakantie gaan, logeren, nog een keer op vakantie (dit voor de Appoldronen uit de wat betere kringen) en als je dan terug kwam leek de vakantie nog jaren door te gaan. Een schooljaar duurde ongeveer een eeuw en mensen van boven de twintig beschouwde je als wezens van een andere planeet. Je volgende verjaardag leek nog lichtjaren ver weg.
Ondertussen tikten de jaren echter in een gelijkmatig tempo van een seconde per seconde weg. Het zonnestelsel, waar wij onze tijdrekening op gebaseerd hebben, houdt geen rekening met je perceptie van tijd hoewel het daar met de verschijnselen 'dag' en 'nacht' wel de instrumenten voor levert. Zoek het zelf maar uit, lijkt het zonnestelsel daarmee te willen zeggen waarmee maar meteen bewezen is dat het maar goed is dat planeten niet kunnen praten.
Ik schat dat de gemiddelde leeftijd van de Appoldronen ongeveer 23 is, en de meesten van jullie zullen wel gemerkt hebben hoeveel je perceptie van tijd op dit moment verschilt van je perceptie van tijd die je had toen je nog een klein Appoldroontje van tien jaar oud was. Een week lijkt soms maar een dag te duren. De zomervakantie beleef je als een periode van ongeveer een week, waarin maar nauwelijks tijd is om buiten te spelen met je vriendjes, aangezien je trip naar Kreta ook alweer op de planning staat, en als je daar van terugkomt heb je nog twee dagen over voor het nieuwe collegejaar alweer begint en die twee dagen lijken in een paar uur om te vliegen. Een collegejaar duurt ongeveer een maand of drie en mensen van onder de twintig beschouw je als wezens van een andere planeet. Over een maand ben je alweer jarig, terwijl je vorige verjaardag voor je gevoel een maand of drie geleden nog plaats heeft gevonden.
Toch tikken de jaren nog in exact hetzelfde tempo van een seconde per seconde weg. Wat is er nu veranderd? Hierover mocht ik onlangs een bijzonder verhelderend gesprek voeren aan een grote mahoniehouten tafel met een man die zei dat hij psychiater was. Ik geloofde hem onvoorwaardelijk, aangezien hij grijs haar had, gecombineerd met een scherp levensinzicht.
Hij vertelde mij dat je perceptie van tijd en ouder worden gerelateerd was aan het opdoen van nieuwe ervaringen. Als je klein bent, zit elke dag vol met nieuwe ervaringen. Heel veel dingen doe of zie je voor het eerst. Volgens de psychiater was de hoeveelheid nieuwe ervaringen evenredig aan je perceptie van de hoeveelheid tijd die je geleefd had en nog te leven had. Daarom, zo vertelde hij mij terwijl de grote lamp de tafel in een verblindend schijnsel zette en wij onze negende mok zwarte koffie tot ons namen, leek vroeger je vorige verjaardag lichtjaren geleden omdat je in een jaar tijd onnoemelijk veel ervaringen had opgedaan.
Deze vergelijking trok ik meteen door naar het heden, scherp als ik was door de grote hoeveelheden genuttigde cafeïne. Tegenwoordig maak je weinig echt nieuwe dingen mee, betoogde ik, en de nieuwe dingen die je meemaakt weet je ook nog eens veel beter in je denkraam te plaatsen door alles te vergelijken met ervaringen uit het verleden. Daarom lijkt een jaar nu in een paar maanden voorbij te vliegen, en dit verschijnsel zet verder door naarmate je ouder wordt, aangezien je dan nog minder nieuwe ervaringen opdoet.
Deze theorie wierp natuurlijk weer nieuwe vragen op. De belangrijkste was: 'Is het mogelijk om het proces van deze veranderende perceptie te stoppen, bijvoorbeeld door geforceerd nieuwe ervaringen te gaan zoeken en te beleven?' Het antwoord hierop had volgens ons alles te maken met het behouden van het kind in jezelf.
Over het algemeen wordt van kunstenaars (ik was die avond in mijn functie als kunstenaar aanwezig in het huis waar de psychiater ook rondhing) gezegd dat ze het vermogen om als een kind naar de wereld te kijken behouden hebben, zei de psychiater. Het lijkt erop, bedachten wij gezamenlijk, dat we dit vermogen als een oplossing voor het stoppen van het proces van de veranderende perceptie kunnen beschouwen. Echter, het behouden van dit vermogen was volgens ons niet aan te leren, je kon het vanzelf of je kon het niet. Hierdoor belandden wij weer in het aloude nature-nurture debat, dat onderbroken werd omdat het tijd werd om op mijn oude gitaar te gaan raggen en dierlijke kreten uit te stoten. Volgende keer vertel ik jullie de psychiater's recept voor een gegarandeerde nummer 1-hit, gebaseerd op zijn ervaringen met de media.
[ Maar wat is het? ] [ E-mail ]
|